Siamese kempvis
Leefgebied van de Siamese kempvis
De Siamese kempvis komt in het wild vooral voor in Zuidoost-Azië. Hij houdt van het rustige water in kleine meren en plassen en langzaam stromende rivieren. De Siamese kempvis heeft het liefst helder, ondiep water waarin zich veel waterplanten bevinden die hem beschutting geven tegen vogels. Het is een veelvraat en eet graag wormen, kreeftjes, overgebleven resten van dode dieren en waterplanten.
De paartijd
Tijdens de paartijd is de Siamese kempvis erg agressief tegen andere mannetjes. In die tijd worden zijn flanken en vinnen felgroen en -rood. Deze opvallende kleuring dient om indringers te verdrijven. Lukt dat toch niet dan volgt een fel gevecht. De vis heeft kleine, puntige tanden die hij dan flink gebruikt.
De Siamese kempvis is heel fel tegenover andere mannetjes, maar erg lief voor zijn vrouwtje. Het mannetje maakt eerst een nest voor de eieren klaar, bestaande uit slijmblaasjes uit zijn bek. Daarna volgt een soort paringsdans. Het vrouwtje schiet vervolgens kuit, waarna het mannetje de eitjes bevrucht. Het mannetje bewaakt het broedsel, het vrouwtje kijkt er niet naar om.
Reageren:
Geen reacties geplaatst


